
Supercup na zinderende strijd naar Orion Stars, negende prijs op rij een feit
Landskampioen volleybal Orion Stars heeft de negende prijs op rij in Nederland veilig gesteld. De strijd om de Supercup tegen SSS werd zondagmiddag in Doetinchem met 3-2 gewonnen, al kwam de zege uit de tenen (25-21, 19-25, 25-21, 23-25 en 15-10).
Het begin van de strijd om de Supercup was eigenlijk als alle duels vorig seizoen. Orion Stars dicteerde zoals de laatste jaren te doen gebruikelijk in nationale duels, was baas in eigen huis en speelde twee niveaus beter dan de gasten uit Barneveld. De ploeg, met een handvol nieuwe gezichten aan de start, won dan ook de eerste set.
Dat was in de tweede spelreeks plots anders. Er kwam een flinke kink in de kabel toen SSS beter ging spelen en de Doetinchemmers de weg even kwijt waren. Zowel aanvallend als blokkerend was het onvoldoende. Van 7-11 ging het naar 10-15 en de Barnevelders eisten pardoes de set op (1-1 in sets).
Ook de eerste helft van de derde set voerde de ploeg uit het kippendorp nog de boventoon, maar na 9-11 kantelden de verhoudingen. Een topploeg is in de ogen van veel trainers vaak een ploeg die zich kan oprichten als het even tegenzit, en dat was precies wat de Doetinchemmers daarna deden. Onder aanvoering van aanvoerder Ter Maat eiste zijn ploeg de derde set op, spelend met meer lef en bravoure.
In de vierde set ging het spel over en weer. Wie dacht dat SSS het hoofd in de schoot legde had het mis, de Barnevelders vochten in een meeslepend duel voor elke bal en sleepten in een spannende slotfase de vierde set uit het vuur: 2-2.
De vijfde set wordt door de verliezer vaak omschreven als ‘een loterij’, maar de winnaar laat zien dat het ook na ruim 2,5 uur volleybal nog steeds scherp is. Orion Stars nam het voortouw en gaf dat niet meer uit handen.
Daarmee was de negende prijs op rij een feit, na drie landstitels, drie bekers en twee Supercups. De wedstrijd leerde Orion Stars echter ook dat na een hegemonie van jaren niets vanzelf gaat. Een beter moment voor een wake up-call zo aan het begin van het seizoen is er niet.
Bron: De Gelderlander